Main Content Area

Kroonverdachte

Handgemaakt in een Chinees lab? Speciaal ingevlogen vanuit de kosmos? Over de herkomst van het coronavirus wordt wild gespeculeerd. Wat dacht je van deze: ‘Het is allemaal de schuld van 5G.’ Dit soort giswerk is al zo oud als de wereld. Of tenminste de middeleeuwen. Vanuit mijn gouden kooi doe ik er vrolijk aan mee.


Dit artikel maakt onderdeel uit van ons project #BlijfSchrijven.



Tekst: Sjors Bergmans

Heb je wel eens van de pestvogel gehoord? Dit zalmroze vogeltje met bandieterige zwarte oogstreep dankt zijn naam aan z’n vluchtplannen. Of liever, het gebrek eraan. Anders dan veel soortgenoten trekt hij niet op gezette tijden van gewest naar gewest. Het eigenwijs gekuifde beestje doet wat hij wil, en duikt zo nu en dan gewoon op. Ook in Nederland. In de middeleeuwen vond men deze onaangekondigde bezoekjes uiterst verdacht. ‘Komen die gekke vogels aangewaaid, breekt hier de pest uit!’ Dat kon natuurlijk geen toeval zijn. ‘Vermaledijde… pestvogels!’

Pestkop

Er werden in die tijd meer oorzaken van pest aangewezen. Ongezonde dampen uit de grond, de toorn van god, bijzondere constellaties van de planeten­ – en je kunt je indenken dat ook de plaatselijke hekserij het heet onder de voeten kreeg als de Zwarte Dood zich aandiende. Achteraf blijkt de verdenking van de pestvogel nog het dichtste bij te komen. Nee, de pest verspreidde zich niet via vogels, maar via diertjes die eigenlijk altijd al pestkoppen waren. Vlooien.

Goudkop

Vandaag kijk ik vanuit mijn comfortabele quarantainevertrekken uit over het IJmeer. Een tijdloos uitzicht dat in deze roerige dagen rust en troost biedt. En dat middeleeuwse sentimenten losmaakt, ontdek ik. Dat zit zo. Ook hier dient zich zo nu en dan een onaangekondigde gast aan. Een zeldzame vogel, die zo heel af en toe zijn vuurrode snavel laat zien. Ik heb het over de krooneend. Een exotisch eendje met stralend gouden kop, waarvoor mijn oer-Amsterdamse buren zelfs een bijnaam hebben. Geen ‘drijfsijzen’ (echt Mokums), maar ook niet mis: ‘pééékingeenden’.

Koppels

De plotselinge verschijning van een handvol kroon- of pekingeenden is voor mij gewoonlijk een feest. Zoiets prachtigs, récht voor mijn huis; een godsgeschenk. Maar dit jaar viel hun komst samen met nóg een verrassing: de noodverordeningen op televisie. Gedoemd om thuis te blijven kon mij de dagelijkse aanwas van ‘goudkopjes’ niet ontgaan. Inmiddels tel ik er met gemak zestig. En waar ze in voorgaande jaren al snel weer gevlogen waren, lijken ze zich nu op te maken voor een langdurig verblijf. Met de hele groep keurig in koppeltjes verdeeld, stráált de nesteldrang ervan af.

Je begrijpt dat het verband tussen de corona-uitbraak en deze massale invasie van krooneenden voor mij hoogst verdacht geworden is. Bovendien, zeg maar eens drie keer heel snel krooneendjes achter elkaar. Precies: krooneendjes, krooneendjes, corona-eendjes! Nou ja! Toch?… Dus hoe nu verder? Geen econoom of viroloog kan voorspellen hoe lang deze pandemie nog duurt. Maar ik houd hier een schuin oog op het water gericht. Geen straf, want ach, wat zijn ze toch prachtig. Net als die pestvogels trouwens.

Bermgans

--
Geplaatst op 7-04-2020